zondag 12 februari 2012

Tussen de kribben

Wanneer ik een poosje op het talud van de Lekdijk heb gezeten, bemerk ik dat het een deerlijke vergissing was om vanochtend niet mijn gevoerde buitenbroek aan te trekken. Er zit vocht in de lucht en hier aan de halfbevroren waterkant is de bij elkaar gefietste warmte al snel uit mijn lijf verdwenen. Ik waan mij in een lente op Spitsbergen. Vogels drijven op schotsen stroomafwaarts door de rivier. (zie: Sluizen open). Aan de overkant duiken Grote zaagbekken en Nonnetjes voor de palendammen die met ijsranden zijn versierd. Grote zilverreigers betwisten elkaar de beste plekken in de kier open water tussen het ijs en het rijshout. Twee Wulpen zoeken voedsel op de stenen kribben, Graspiepers en een prachtig Rietgorsmannetje vlak voor me op het vloedmerk. Een paar Nijlganzen lijkt er beroerd aan toe; voor deze subtropische stumpers zal de dooi niet meer op tijd komen. Bij Honswijk duiken drie Dodaars’ en Kuifeenden tussen gruisijs en Smienten zitten daar op een schots de winter uit. Als ze hadden gekund waren ze liever in winterslaap gegaan vermoed ik.

Terug via de Uitweg en de Trip, waar het “zwart ziet” van de ganzen. Ik kan 4 halsringen aflezen en haal er nog een Toendra- en Kleine rietgans tussen de Kollen uit. De vogels zitten fraai dichtbij, maar ik heb het zo verrekte koud, dat ik de camera niet meer kan bedienen. Ik pas!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen