Na dagen van hard werken en wind
tegen is het een verademing; ganzen in de polder. Ik steek even in bij de waterberging
om bij het bruggetje over de wetering te komen. Dat ligt net wat hoger en is daardoor
altijd een mooi punt om m’n driepootkrukje en telescoop op te zetten. Het brugdek
is vandaag, heel sfeervol, gestoffeerd met een grijs-groen, zeer kleverig, mengsel
van klei en vette schapenstront, maar het uitzicht is er niet minder om. Dichtbij
heb ik gelijk al “beet”: Twee Brandganzen met zwarte halsringen. De codes beginnen
beide met een X (nooit eerder een code met deze beginletter gezien; dus voor de
zekerheid maar een paar digiscoopjes gemaakt).
Een telling van de fractie
jongen (voor SOVON), waarbij ik vogel na vogel goed bekijk, brengt en-passant
ook nog twee geringde Kollen “in het digitale boekje”. Als reactie op een
passerend vliegtuigje en helikopter, gaat de groep twee maal de lucht in. Het
geluid dat ik dan over me heen krijg kan me steeds weer imponeren; die massaliteit
van natuur in een levende polder blijft een kick geven. Daar heb ik zelfs niet voor hoeven vliegen. Die is, gratis en voor niks, naar mij toe komen vliegen, waardoor
ik er op een vrije winterse dag, op m’n krukje naast m’n Fyts, van kan genieten.
Ik draai
me om en scan met de verrekijker de groep Knobbelzwanen die richting Lange Uitweg
op de doorgezaaide maïsstoppel bivakkeert. Dan, even, dat kleine geluksmoment !
Het profiel van een Kleine zwaan in beeld! In de telescoop tel ik drie volwassen
en drie jonge vogels. Da’s extra mooi, nakomelingen bij een soort waarvan de
populatie krimpt.

Onomkoombaar
dringt dan toch het gemis in onze regio van de jaarlijkse aanwezigheid van deze
fraaie arctische vogels zich aan me op. Het bekende verhaal, zou je bijna zeggen:
Klimaatverandering; als je al wat langer buiten hebt meegelopen, kun je je er al heel lang niet aan onttrekken. Het gebeurt gewoon voor je ogen met allerlei
soorten. Kleine zwanen broeden op de Russisch-arctische toendra en overwinteren,
vergeleken met 50 jaar geleden, gemiddeld zo’n 400 km verder naar het oosten en
daarmee inmiddels goeddeels buiten onze landsgrenzen. Wetenschap geeft zelden
zekerheden, verandering in voedselaanbod zou ook een rol kunnen spelen, maar
probeer nog maar eens onbevangen blij te zijn met zo’n mooi gezinnetje in het
beeld van je telescoop. Het is niet vanzelfsprekend dat me dat nu wel degelijk
lukt; gewoon omdat het mag: klein geluk !!
Meer informatie:
R.J.M. Nuijten en anderen
(2020): Concurrent shifts in wintering distribution and phenology in migratory
swans: individual and generational effects. (Hier na te lezen).
Koffijberg & van Winden:
Ganzen en zwanen in 2019/20: Teruglopende winteraantallen, groeiende
broedpopulaties. (Hier na te lezen)
Alle teksten en foto's
©Sjerp M. Weima 2010 - 2023